Blog

De Belgische overheid en de strijd tegen informele arbeid: cijfers, uitdagingen en alternatieven

In België is informele arbeid een alledaags fenomeen, dat de laatste jaren niet alleen economische maar ook sociale en fiscale problemen oplevert. Volgens het Federaal Planbureau voor de Statistiek (FPS) bedroeg het aantal informele werkgevers in 2022 nog steeds zo’n 1,2 miljoen, met een jaarlijks bedrag van ongeveer 12 miljard euro aan onbetaalde arbeid. Deze praktijk, vaak aangeduid als “zwart werk”, omvat zowel de onbetaalde arbeid van familieleden als de onregelmatige of niet-officiële contracten met buitenlandse werknemers. Het fenomeen is niet nieuw, maar de coronapandemie heeft het aanzienlijk verergerd, met een stijging van 15 procent in 2020 volgens het Belgisch Statistisch Agentschap (BSA).

De belangrijkste trekkers achter deze praktijk zijn de sectoren met lage loonkosten en een sterke vraag naar flexibele arbeid: de horeca, de bouw en de dienstensector. In de horeca, waar de werkgelegenheid al traditioneel sterk afhankelijk is van informele arbeid, is het percentage zwart werk volgens een onderzoek van de Vlaamse Overheid uit 2021 op 22 procent gestegen. In de bouw, waar de arbeidsmarkt vaak gespannen is door een tekort aan geschoolde arbeiders, blijkt een derde van de contracten informele aard te hebben, met name bij buitenlandse werknemers die geen geldige arbeidsvergunning hebben. Deze praktijk heeft niet alleen economische gevolgen, maar ook juridische: de overheid verliest inkomsten aan belastingen en sociale premies, terwijl het risico op fraude en arbeidsrechtelijke schendingen groter wordt.

De overheid heeft in de afgelopen jaren verschillende maatregelen genomen om informele arbeid tegen te gaan, waaronder strengere controles en een verhoogde belasting op onbetaalde arbeid. In 2022 heeft de Vlaamse regering bijvoorbeeld een nieuwe wet ingevoerd die werkgevers verplicht om alle contracten formeel vast te leggen, met een boete van 500 euro voor elke onregelmatige situatie. Ook de invoering van een digitale registratie voor buitenlandse werknemers heeft de controle op zwart werk versterkt. Toch blijft het aantal gevallen hoog, mede omdat veel werkgevers zich niet willen laten controleren of de wetten overschatten. Een recent onderzoek van de KU Leuven uit 2023 toont aan dat slechts 15 procent van de werkgevers actief wordt gecontroleerd, ondanks een stijgende belastingdruk.

Een andere belangrijke factor is de culturele en juridische barrière die veel werkgevers tegenhouden om formele contracten te gebruiken. In bepaalde regio’s, zoals in de maritieme sector of in de landbouw, is het gebruik van informele arbeid nog steeds wijdverspreid, vooral bij buitenlandse werknemers die geen toegang hebben tot de lokale arbeidsmarkt. Ook de complexe fiscale regels en de lange procedures voor het aanvragen van arbeidsvergunningen maken het voor werkgevers soms aantrekkelijker om informele contracten te gebruiken. Hierdoor blijft het fenomeen bestaan, ondanks de inspanningen van de overheid.

  • In 2022 bedroeg het bedrag aan onbetaalde arbeid door informele praktijken in België ongeveer 12 miljard euro.
  • In de horeca is het percentage zwart werk gestegen tot 22 procent, volgens onderzoek van de Vlaamse Overheid uit 2021.
  • In de bouw is ongeveer een derde van de contracten informele aard, met name bij buitenlandse werknemers.
  • Slechts 15 procent van de werkgevers wordt actief gecontroleerd door de overheid, ondanks een stijgende belastingdruk.
  • De coronapandemie heeft de stijging van informele arbeid met 15 procent in 2020 versneld.

Om het probleem aan te pakken, zijn alternatieve oplossingen nodig die zowel de werkgevers als de werknemers aantrekkelijk maken. Een mogelijkheid is het opzetten van een systeem van flexibele arbeid met formele contracten, zoals de invoering van een “flexcontract” met een vaste loonvergoeding en een afspraak over de werktijd. Ook het versterken van de training en ondersteuning voor buitenlandse werknemers kan helpen om de overgang naar formele arbeid te vergemakkelijken. Daarnaast is het belangrijk om de belastingdruk op kleine en middelgrote bedrijven te verlagen, zodat deze zich niet meer afschuiven achter informele praktijken. Een andere optie is het opzetten van een platform waar werkgevers en werknemers elkaar kunnen vinden, met een focus op formele contracten en transparante arbeidsvoorwaarden. Zo kan informele arbeid langzaam maar zeker achteruitgaan en kan de overheid haar belastinginkomsten en sociale verzekeringen herstellen.

De strijd tegen informele arbeid is een complex en langdurig proces, maar met de juiste maatregelen en een sterke wil van zowel de overheid als de maatschappij kan het fenomeen worden beperkt. Het is essentieel dat alle partijen, van de overheid tot de werkgevers en werknemers, samenwerken om een eerlijk en transparant arbeidsmarktssysteem te creëren. meer informatie

Posted in: Allgemein

Leave a Comment (0) ↓

Leave a Comment

You must be logged in to post a comment.